Skip navigation

Redactieadres:

Panteia B.V.

Postbus 7001

2701 AA Zoetermeer

T: 079 - 322 22 00

F: 079 - 343 01 01

E: redactie@panteia.nl

Zelfregulering in de EU

Minder regels, meer overleg

Door drs. P.Th. van der Zeijden en drs. R.E van der Horst*

Nederland kent voor veel branches en sectoren een rijke historie op het gebied van zelf- en co-regulering als alternatief voor of als aanvulling op regelgeving van de overheid, zoals gedragscodes, erkenningsregelingen, keurmerken en kwaliteitsstandaarden. Ook de Europese Commissie is hierin geïnteresseerd, maar er bestaan belemmeringen die op nationaal niveau niet voorkomen. Met name de culturele en juridische verschillen tussen lidstaten maken zelf- en co-regulering op Europees niveau duidelijk lastiger, maar niet onmogelijk.

EuropaEen van de prioriteiten van de 'Mid-term review of the Lisbon Strategy' van de Europese Commissie is verbetering van de regelgeving in de EU. In 2002 heeft de Europese Commissie het 'Better Regulation Action Plan' aangenomen. Een van de maatregelen in dit plan is gericht op toenemend gebruik van alternatieve vormen van regelgeving om de beleidsdoelen te bereiken. Zelf- en co-regulering zijn voorbeelden van alternatieven voor traditionele regelgeving. In bepaalde gevallen is zelf- of co-regulering te verkiezen boven traditionele wet- en regelgeving, het is flexibeler en sneller, en het commitment van private partijen om de regels te implementeren en zich eraan te houden is aanzienlijk groter. Echter, op Europees niveau worden zelf- en co-regulering vooralsnog minder gebruikt dan in sommige lidstaten. Zelf- en co-regulering kennen op Europees niveau een extra dimensie waardoor de totstandkoming ervan moeilijker is.

De mate waarin zelf- en co-regulering in Europese landen een rol spelen verschilt sterk. In Nederland is zelfregulering in de vorm van bijvoorbeeld erkenningsregelingen en keurmerken een bekend fenomeen in diverse branches. Ook Duitsland kent zelf- en co-regulering op vele gebieden, zoals milieu, gezondheid en consumentenbeleid. Zelf- en co-regulering vinden bijvoorbeeld plaats in de vorm van normen (standaardisatie), kwaliteitscertificaten en gedragscodes. Ook in het Verenigd Koninkrijk zijn zelf- en co-regulering wijdverspreid en wordt het opzetten van gedragscodes door de overheid gestimuleerd. In Frankrijk daarentegen is hier veel minder ruimte voor. In dat land bestaat meer vertrouwen in de wet dan in 'private regels'. Inmiddels erkent de Franse overheid de mogelijkheden en de noodzaak om private partijen bij de opzet van regelgeving te betrekken.

Wat is zelf- en co-regulering?
Er worden verschillende definities van zelf- en co-regulering gehanteerd. Belangrijk kenmerk van zelfregulering is dat er een (soort) overeenkomst over regelgeving is tussen private partijen, zonder directe betrokkenheid van de overheid. Het verschil met co-regulering is dat behalve private partijen ook de overheid betrokken is bij de totstandkoming van de regelgeving. De overheid kan zelfs het initiatief nemen en private partijen uitnodigen zelf tot regelgeving te komen. In sommige gevallen houdt dat zelfs een zekere dreiging in: als jullie (private partijen) niet in staat zijn de zaken zelf te regelen, kom ik (overheid) met wetgeving. Dat kan een belangrijke stimulans zijn voor partijen om de zaken onderling goed te regelen.

Door de Europese Commissie worden de volgende definities van zelf- en co-regulering gehanteerd:

- Self-regulation: The possibility for economic operators, the social partners, non-government organisations or associations to adopt amongst themselves and for themselves common guidelines at European level (particularly codes of practice or sectoral agreements).
- Co-regulation: The mechanism whereby a Community legislative act entrusts the attain-ment of the objectives defined by the legislative authority to parties, which are recognised in the field (such as economic operators, social partners, non-government organisations or associations).

Over het algemeen gaan zelf- en co-regulering over de vraag 'hoe te gedragen'. Zelf- en co-regulering kunnen vele vormen aannemen, zoals gedragscodes, erkenningsregelingen, richtlijnen, aanbevelingen, keurmerk, kwaliteitsstandaarden, en technische standaarden. Zelf- en co-regulering op EU-niveau komen inmiddels in diverse branches voor, zoals:
- kappers (code of conduct 'How to get along' van Coiffure EU),
- PVC (Vinyl2010),
- reclame (European Advertising Standards Alliance),
- drank (Responsible Commercial Communications Guidelines for the Brewing Industry),
- direct marketing (European Direct Selling Code of Conduct Towards Consumers, van FED-SA),
- internetverkoop (Euro-Label, van EuroCommerce).

Voorbeeld van zelfregulering op EU-niveau: Euro-Label

éurolabelEuro-Label is het Europese keurmerk voor elektronisch winkelen en is bedoeld voor consumenten en verkopers. Als u het Euro-Label ziet op een e-shop, kunt u er zeker van zijn dat u betrouwbare service krijgt:
- Het bedrijf dat het product verkoopt is betrouwbaar.
- De verkoopvoorwaarden zijn duidelijk en staan op de website.
- De verkoper respecteert wetgeving op het gebied van databescherming.
- De producten die geleverd worden zijn exact de producten die u heeft besteld.

Indien er iets verkeerd mocht gaan tijdens de transactie, kunt u gebruik maken van een procedure voor conflictoplossing. Om het keurmerk te mogen voeren, moet de verkoper de Europese Gedragscode voor de Detailhandel hebben geaccepteerd. De Euro-Label organisatie is verantwoordelijk voor controle op de naleving van de code. Met behulp van een bepaalde techniek bent u ervan verzekerd dat het logo op de website van de verkoper authentiek is. Als u op het logo klikt, controleert Euro-Label of de verkoper is gecertificeerd en toont het certificaat van de e-shop.

 

Waarom zelf- en co-regulering?
Er zijn twee belangrijke redenen voor private organisaties om vormen van zelf- en co-regulering op Europees niveau op te zetten, namelijk:
- gebrek aan harmonisatie,
- de behoefte om het vertrouwen van de klant te vergroten.

Gebrek aan harmonisatie heeft betrekking op verschillen in regelgeving, standaarden, gewoonten, gedrag, e.d. tussen verschillende landen. Dit leidt tot belemmeringen voor grensoverschrijdende activiteiten en is dus een rem op economische ontwikkeling. Europese zelf- of co-regulering is dan bedoeld om dergelijke belemmeringen te beperken.

In sommige sectoren is er gebrek aan vertrouwen bij klanten, dat is ontstaan door ongewenste activiteiten van spelers in de markt. Door het opstellen van bijvoorbeeld gedragscodes en standaarden wordt geprobeerd dit vertrouwen bij klanten te vergroten. Dit speelt bijvoorbeeld op het gebied van reclame, elektronisch zakendoen, milieu en ethische onderwerpen.

Voor- en nadelen
Initiatieven vanuit private organisaties voor zelf- of co-regulering kunnen bijdragen aan de totstandkoming van de interne Europese markt, door overeenstemming over gezamenlijke gedragsregels of wederzijdse erkenning van nationale regels. Zelf- en co-regulering op EU-niveau hebben verschillende voordelen ten opzichte van traditionele Europese regelgeving. Eén voordeel van zelf- en co-regulering is de flexibiliteit. Zelf- en co-regulering zijn over het algemeen flexibeler dan traditionele regulering. Aanpassingen aan veranderende omstandigheden zijn bij zelf- en co-regulering sneller te realiseren. Verder besparen zelf- en co-regulering publieke gelden die anders besteed zouden moeten worden aan de totstandkoming van overheidsregulering. Andere voordelen liggen op het vlak van de betrokkenheid van private partijen. Het commitment van private partijen (bedrijven, ondernemersorganisaties, e.d.) is veel groter wanneer zij zelf hun 'eigen' regels kunnen opstellen. Tenslotte hebben de private partijen meer specifieke kennis van het veld, hetgeen bijdraagt aan een betere kwaliteit van de regelgeving.

Tegenover voordelen staan ook enkele nadelen van zelf- en co-regulering. In de eerste plaats heeft de overheid minder 'grip' op de uitkomst: het bereiken van publieke doelen is moeilijker dan bij traditionele regelgeving. Bij co-regulering heeft een overheid trouwens wel meer invloed dan bij zelfregulering. Verder kan de ontwikkeling van zelf- en co-regulering ingewikkeld en kostbaar zijn, terwijl de budgetten van de partijen (vooral ondernemersorganisaties) veelal beperkt zijn. Dit geldt voor internationale zelf- en co-regulering sterker dan voor nationale zelf- en co-regulering, omdat het veel meer tijd en moeite kost om tot overeenstemming te komen tussen partijen uit (vaak) vele landen. Verder komen de kosten voor het in stand houden van de regulering en voor monitoring en klachtenafhandeling voor rekening van de private partijen. Bij traditionele regelgeving komen die kosten ten laste van de overheid.

Nationale verschillen
Een belangrijke bottleneck voor de totstandkoming van zelf- en co-regulering op EU-niveau zijn de bestaande nationale verschillen. Nationale verschillen kunnen betrekking hebben op wettelijke en institutionele kaders (waaronder de gewoonte in sommige landen om snel naar de rechter te stappen), cultuur en gewoonten in het zakendoen. Wanneer bijvoorbeeld nationale wetten zeer verschillend zijn, is overeenstemming over internationale zelfregulering zeer moeilijk. In dergelijke gevallen is voorlopig alleen een low-profile overeenstemming mogelijk zijn, waarin alleen enkele basisregels zijn vastgelegd. Wanneer gewoonten tussen landen sterk verschillen, zal de totstandkoming van zelfregulering veel tijd vergen. De ervaring leert dat ondanks (culturele) verschillen de basisprincipes veelal hetzelfde zijn. Voor de totstandkoming van zelfregulering is dan een langdurig proces nodig van overleg, wederzijds begrip en herkenning van de basisprincipes.

Voorbeeld van zelfregulering op EU-niveau: European Advertising Standards Alliance (EASA)
EASA is een associatie van organisaties die zich bezighouden met zelfregulering in de advertentiewereld, en van brancheverenigingen die reclamebureaus en de Europese media verte-genwoordigen. EASA is namens de reclamebranche de spreekbuis op het gebied van zelfregulering in Europa, en bevordert strenge ethische normen voor commerciële communicatie door middel van doelmatige zelfregulering van reclame. Tegelijkertijd houdt EASA rekening met verschillen tussen landen in cultuur, rechtssystemen en commerciële praktijken. De missie van EASA is het bevorderen van verantwoorde reclame door gebruik te maken van 'best practices' in de gehele EU, ten bate van consumenten en bedrijven. In elke lidstaat ontwerpt de reclamebranche een code met normen en praktijken (gebaseerd op de wereldwijd geaccepteerde code van de Internationale Kamer van Koophandel). Elke nationale reclamebranche verklaart dat ze die code financieel, moreel en in de praktijk zal steunen. Vervolgens wordt een nationale organisatie in het leven geroepen om de code toe te passen; de reclamebranche zorgt voor adequate staf en financiering van deze organisatie.

Rapport:
Rob van der Horst, Paul van der Zeijden and Sander Oudmaijer (2006), Self and co-regulatory practices in the European Union, EIM Zoetermeer/Brussels
(zie Beter Regulation)

Zie ook:
Zelfregulering in de reclamebranche in de EU

*Paul van der Zeijden is accountmanager marktwerking bij EIM en Rob van der Horst is directeur van het EIM-kantoor in Brussel

Links referenced
Better Regulation Action Plan'
http://europa.eu.int/eur-lex/en/com/cnc/2002/com2002_0278en01.pdf
EASA
http://www.easa-alliance.org/
Beter Regulation
http://ec.europa.eu/enterprise/regulation/better_regulation/index_en.htm
Zelfregulering in de reclamebranche in de EU
http://ec.europa.eu/consumers/overview/report_advertising_nl.pdf

Location http://www.basis-online.nl/index.cfm/1,103,288,0,html