Skip navigation

Redactieadres:

Panteia B.V.

Postbus 7001

2701 AA Zoetermeer

T: 079 - 322 22 00

F: 079 - 343 01 01

E: redactie@panteia.nl

Ondermenerschap en ICT in de zorg

door drs. A. Bruins en drs. P.A. van der Hauw*

De zorgsector staat hoog op de politieke agenda. Naast de nieuwe zorgverzekeringswet heeft de politiek de afgelopen jaren meer belangrijke veranderingen doorgevoerd, zoals de persoongebonden budgetten in de thuiszorg en de Diagnose Behandeling Combinaties (DBC’s) in ziekenhuizen. Al deze veranderingen kunnen worden geplaatst onder de noemer meer ondernemerschap en bereidheid om via investeringen risico’s te durven nemen.

Hoe staat het met het ondernemerschap en de investeringsgerichtheid in ICT in de gezondheidszorg?Ondernemerschap in de zorg komt langzaam van de grond

Ondernemerschap valt uiteen in vier aspecten die corresponderen met de verschillende rollen van de ondernemer: de manager, de marktzoeker, de innovator en de risiconemer. Deze vier rollen en de bijbehorende aspecten kunnen worden gespiegeld aan de huidige situatie in de zorgsector.

Afbeeling: Rollen van ondernemers en de bijbehorende aspecten van ondernemen

ict

Manager

Als gevolg van de toenemende outputfinanciering en de (aanhoudende) kostenbeheersing is er steeds meer aandacht voor bedrijfsmatig handelen en efficiencyverbeteringen. De mogelijkheden hiertoe worden in verschillende richtingen gezocht, en wel:

- bij de inkoop, waar de mogelijkheden voor kostenbesparing (dank zij de substantiële omvang) groot zijn (schaalvoordelen en professionalisering).

- bij verbeteringen in de logistiek van patiënten, goederen en medicijnen.

- door kostenbesparingen die worden gerealiseerd door de klant, die een keten van zorg moet doorlopen, steeds meer centraal te stellen in plaats van de beschikbare capaciteit. Hiervoor zijn goede planningssystemen en informatiestromen (ondersteund door de juiste ICT-toepassingen) vereist.

- via specialisaties. Steeds meer zorgaanbieders maken een keuze tussen wat ze wel en niet willen doen.

- via samenwerkingsconstructies. Hierbij kan het gaan om horizontale samenwerking (tussen zorgaanbieders uit dezelfde zorgbranche), om verticale samenwerking (tussen verschillende schakels uit de zorgketen) of om samenwerking gericht op het bieden van nieuwe zorgarrangementen. Samenwerkingsverbanden kunnen ook leiden tot schaalvergroting.

- door veranderingen in het management en de wijze van besturen (juridische structuur). Naast ideële doelstellingen worden meer bedrijfsmatige doelstellingen geformuleerd. Ook worden nieuwe typen managers, ook van buiten de zorgsector, aangesteld.

- meer aandacht voor HRM-beleid, waarin ook prestatiebeloning, opleidingsplannen en medewerkerstevredenheidsmetingen een plaats hebben.

Marktzoeker

Momenteel zit de zorgsector in een overgangsfase van aanbod- naar vraagsturing. Overal ontstaat het besef dat het om de klant draait en dat de dienstverlening op de wensen van de klant moet worden afgestemd. Echter, zorgaanbieders weten nog niet goed wat de klant wil. Tegelijkertijd kan de klant de kwaliteit van dienstverlening van verschillende zorgaanbieders moeilijk beoordelen. Deze materie is niet transparant genoeg. Om nieuwe marktmogelijkheden te ontdekken en te benutten zullen marktonderzoek, patiënttevredenheidsmetingen, kwaliteitszorg en marketingactiviteiten meer en meer standaardinstrumenten worden.

Innovator

In de zorg ontstaan nieuwe producten en diensten grofweg op drie manieren. In de eerste plaats door de opkomst van internet, waar informatieportals om de consument beter te informeren en consulten tegen betaling nieuwe mogelijkheden bieden. Ook zorgen nieuwe technologieën voor nieuwe diensten, bijvoorbeeld de toepassing van thuiszorgtechnologie (domotica). Ten tweede komen er zorgdiensten waarvoor consumenten zelf willen betalen, zoals esthetische zorg en behandeling in privé-klinieken. Ten derde ontstaan er allerlei vormen van nieuwe zorgarrangementen, bijvoorbeeld woonvormen die het voor ouderen mogelijk maken langer zelfstandig te wonen.

Toch is de realiteit dat zorginstellingen nog te vaak kansen voor zorgvernieuwing laten liggen. Dit geldt zowel voor technologische innovaties, als ook voor organisatorische innovaties (vernieuwingen in het logistieke proces en de interne organisatie) en voor innovatie van diensten.

Risiconemer

Ook wat betreft het zakendoen voor eigen rekening en risico bevindt de zorg zich in een overgangsfase. Van oudsher wordt binnen de zorg meer vanuit een maatschappelijk doel dan vanuit winstmotieven gewerkt. Vanuit die optiek worden de zorginstellingen ook bestuurd.

Langzamerhand treden hier echter veranderingen op. Zo zijn er beleidsdiscussies gaande over het opheffen van het verbod op winst door reguliere zorginstellingen. Ook komen er steeds meer geluiden om te stoppen met het steunen van verliesgevende zorginstellingen. Verder veranderen de spelregels voor de vaststelling van de - van oudsher sterk gereguleerde - prijzen in de zorgsector.

Bij het voor eigen rekening zaken doen behoort ook het winst of verlies kunnen maken en de mogelijkheid om zelf de winstbestemming te bepalen; reserves opbouwen voor slechtere tijden, investeren in nieuwe technologie, nieuwe diensten en het gebouw, etc. Langs deze weg ontstaan prikkels om te innoveren en efficiënter te werken.

ICT in de zorg: nog een wereld te winnen

ICT-toepassingen kunnen een belangrijke rol vervullen bij het versterken van het ondernemerschap. Ze kunnen worden ingezet in het primaire proces (het zorgproces zelf), het secundaire proces (de administratieve processen) en bij de communicatie binnen en tussen zorginstellingen. In het primaire proces worden de ICT-mogelijkheden over het algemeen benut. Op het terrein van de domotica - de inzet van ICT-mogelijkheden rond zorg, veiligheid en entertainment - is echter nog een wereld te winnen. Ook voor de kantoorautomatisering en -administratie worden de ICT-mogelijkheden benut.

Op het terrein van de informatie en communicatie is het beeld minder gunstig. Doordat zorgverleners veelal onderdeel zijn van een zorgketen vindt voortdurend uitwisseling van informatie plaats. Deze informatie-uitwisseling heeft betrekking op patiëntengegevens, logistieke zaken (bijvoorbeeld afspraken met specialisten), medicijngebruik, etc. De mogelijkheden van moderne ICT-voorzieningen worden hierbij nog niet overal volledig benut. Gevolg is dat veel informatie-uitwisseling en onderlinge communicatie nog altijd langs papieren weg geschiedt, waarbij soms dubbel werk plaatsvindt.

De oorzaken voor het ontstaan en bestaan van deze situatie kunnen gezocht worden in: persoonsgebonden factoren, financiële en economische factoren, het ontbreken van standaarden en de privacyregelgeving.

Persoonsgebonden factoren

Veel zorgverleners zijn als zorgprofessional sterk gericht op het eigen vakgebied. De ICT-kennis is veelal beperkt, waardoor nieuwe ICT-toepassingen onvoldoende worden ingezet. Zeker wanneer niet direct de voordelen worden ervaren kan ICT worden gezien als een bijkomende last. Bovendien zijn zorgverleners terughoudend voor (te grote) afhankelijkheid van de nieuwe ICT-toepassingen waar men onvoldoende greep op heeft.

Financieel-economische factoren

De tweede drempel vormen financiële en bedrijfseconomische factoren. Beslissingen over ICT-investeringen worden momenteel in de zorgsector nog altijd nauwelijks beïnvloed door factoren uit de buitenwereld (klanten) of rendement, maar door inputfactoren (beschikbare budgetten). Doordat de financiering onder druk staat is er juist minder ruimte voor ICT-investeringen. Andere belemmeringen op financieel-economisch terrein zijn:

- De spelregels ten aanzien van de afschrijvingstermijn in de zorg. Deze termijn is veelal relatief lang (vijf jaar) ten opzichte van de snelheid waarmee ICT-toepassingen verouderen en nieuwe mogelijkheden worden aangeboden.

- De kosten en baten van investeringen in ICT-toepassingen. Uitgaande van de huidige bekostigingsspelregels dragen bepaalde zorginstellingen wel de kosten van een ICT-investering, maar niet (alle) baten.

- Negatieve inschatting van de baten. Bij veel zorgaanbieders leeft de angst, dat het invoeren van gegevens in een vastomlijnd elektronisch patiëntendossier (veel) meer tijd zal gaan kosten dan in de huidige papieren dossiers.

- Bescherming van de eigen (markt)positie. Door de toenemende marktwerking en concurrentie bestaat bij individuele zorgaanbieders de angst dat transparantie, samenwerking, het delen van kennis en informatie en ranking van prestaties en kwaliteit ten koste kunnen gaan van de eigen marktpositie en zelfstandigheid.

Gebrek aan standaarden

Om hogere efficiency en betere kwaliteit via ICT-toepassingen te realiseren is het nodig, dat de ICT-systemen van de verschillende zorgaanbieders met elkaar kunnen communiceren. In de praktijk is dit vaak nog niet het geval. De zorgsector bestaat uit veel kleinschalige, verspreide organisaties, met elk een eigen autonomie over de informatievoorziening. Hierdoor zijn in het verleden eilanden ontstaan en is een cultuur van het delen van informatie niet van de grond gekomen. Er zijn geen algemeen geaccepteerde standaarden en de standaarden die er zijn - bijvoorbeeld van het NICTIZ - zijn veelal te breed gedefinieerd.

Privacyregelgeving

De huidige privacywet- en regelgeving belemmert soms de uitwisseling van gestandaardiseerde patiëntengegevens tussen verschillende partijen. Hierbij speelt ook de vraag wie eigenaar is van patiëntengegevens. Het ministerie van VWS stelt zich op het standpunt dat de gegevens van de patiënt zelf zijn, maar andere partijen in de zorgsector hebben daar soms andere ideeën over.

Verre van optimaal

Wat betreft het ondernemerschap in de zorg, kunnen we concluderen dat aan de managersrol de meeste invulling wordt gegeven, dat de marktzoekersrol en de innovatorrol langzaam tot ontwikkeling komen en dat de risiconemersrol nog nauwelijks aan bod komt. Investeringen - waaronder die in ICT - worden dan ook nog veelal in de eerste plaats vanuit kostenoogpunt bezien - is er budget beschikbaar? - en veel minder vanuit het oogpunt van mogelijke (toekomstige) baten.

Instellingen en aanbieders in de zorg zijn nog sterk gevangen in en redeneren vanuit de ‘oude’ situatie. Hierin werd de zorg gekenmerkt door een aanbodgestuurd systeem waarin zowel over de prijzen als de productie gedetailleerde afspraken werden gemaakt en waarin de aanbieders voornamelijk vakinhoudelijk waren georiënteerd. Hoewel dit aan het veranderen is, klinkt in veel knelpunten rond ondernemerschap en ICT-gebruik deze ‘oude’ zorgsector nog goed door. Hoewel het begrijpelijk is dat veranderingen tijd nodig hebben, is het volstrekt duidelijk dat het kader van waaruit zorgaanbieders de nieuwe ontwikkelingen moeten benaderen geënt zal moeten zijn op de ‘nieuwe’ zorgsector.

Rapporten:

Hauw, P.A. van der, M.J. Overweel en J.J. Boog, ICT in de zorg; Verkennend onderzoek naar het huidige en potentiële gebruik, EIM, februari 2006.

Prince, Y.M., A. Bruins en P. Th. van der Zeijden, Ondernemen in de zorg, EIM, februari 2005.

*Anne Bruins is senior onderzoeker en Peter van der Hauw is accountmanager en lid Management Team van EIM

Location http://www.basis-online.nl/index.cfm/1,106,315,0,html