Redactieadres:
Panteia B.V.
Postbus 7001
2701 AA Zoetermeer
T: 079 - 322 22 00
F: 079 - 343 01 01
door drs. D. Grijpstra*
Al jarenlang heerst er op de Amsterdamse taximarkt grote chaos. In 2000 werd de dienstverlening van taxibedrijven opengegooid om marktwerking in te voeren. Vergunningen die chauffeurs van de TCA voor soms twee ton hadden gekocht, bleken opeens niets meer waard. Strubbelingen en strijd waren onvermijdelijk: strijd was er op bestuurlijk niveau, strubbelingen vonden plaats tussen TCA, gemeentebestuur en rechterlijke macht. Taxichauffeurs raakten onderling slaags.
Dat ook regulering wel voordelen had, werd in de jaren na het opengooien van de markt duidelijk. Randfiguren wierpen zich op deze vrije taximarkt. Maffiose types terroriseerden bonafide chauffeurs. Passagiers die een te kort = goedkoop ritje wilden maken werden zonder pardon de deur uitgezet. Op dit soort praktijken kreeg de politie niet of nauwelijks vat.
En nu lijkt dat plotseling voorbij. Vanaf 1 januari 2006 moeten alle chauffeurs die na 2001 op de weg zijn gekomen een taxidiploma bezitten. De politie moest nog even het computersysteem aanpassen, en ging daarna streng controleren. Niet het terroriseren van collega’s of klanten werd gecontroleerd, maar het hebben van het diploma. Bij het Centraal Station was men al eerder begonnen met het beheersen van de chaos. Er is een slagboom geplaatst en daar staat nu een Buitengewoon Opsporingsambtenaar BOA, een soort hulpagent, die de zaak volledig in de hand heeft. Wie een passagier weigert krijgt een reprimande van deze dame en mag eventueel mee naar het bureau. Iedereen, ook de politie, verwondert zich over wat diploma en BOA voor elkaar hebben gekregen. De malafide jongens zijn verdwenen bij het CS. Sommige chauffeurs durven voor het eerst sinds lange tijd weer op de standplaats te komen. Zelfs de chauffeurs van de TCA, want ook zij waren hun plaats kwijt geraakt.
Opnieuw blijkt: niet het verzinnen van allerlei regels en vergunningen, maar een goede controle op het toepassen van regelgeving, zelfs al is het niet door een officiële politieagent, in combinatie met een regeling die eigenlijk een andere doelstelling heeft, leidt tot een verbluffend effect. Voor de beleidsonderzoeker is dit opnieuw een bevestiging dat een goede analyse van uitvoeringspraktijk vaak interessantere uitkomsten biedt dan het sec vaststellen of een bepaald effect al dan niet optreedt.
*Douwe Grijpstra is directielid van Research voor Beleid
Location http://www.basis-online.nl/index.cfm/1,109,344,0,html
Copyright © Panteia B.V. 2012