Redactieadres:
Panteia B.V.
Postbus 7001
2701 AA Zoetermeer
T: 079 - 322 22 00
F: 079 - 343 01 01
door dr. H.M. Post*
'Geschiedenis moet gaan over de dingen die mensen verbinden. Zonder verbinding is er geen gezamenlijk lot. Maar geschiedenis bewijst niets. Geschiedschrijving is een discussie zonder eind', aldus Arie van Deursen in het onlangs verschenen boek De last van veel geluk, de geschiedenis van Nederland 1555-1702. Hij beschrijft de opkomst, de bloei en de beginnende neergang van De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden aan de hand van de opstand tegen Spanje, de godsdiensttwisten en de oprichting van de VOC. De titel van dit boek is ontleend aan de historicus-dichter Geerten Gossaert, die in zijn gedicht Atlantis spreekt over 's levens dubbel juk: de last van veel ontberen, de last van veel geluk.
"Er is nu een markt voor geschiedenis", zegt Van Deursen, "er komen veel boeken uit en ze vinden gretig aftrek. De belangstelling lijkt begonnen te zijn in de jaren negentig. Misschien heeft het ermee te maken dat er lange tijd weinig aandacht was voor geschiedenis en er weinig lesuren beschikbaar waren. Dat heeft er toe geleid dat jongere mensen geen overzicht meer hebben van de loop der dingen. Ze hebben de renaissance bestudeerd en de industriële revolutie maar het is niet in context geplaatst. Die twee konden wat hen betreft ook gelijktijdig plaatsgevonden hebben. Als je met de zeventiende eeuw en de cultuur waarin de mensen toen leefden vertrouwd wilt raken dan moet je de klassieken en de bijbelse geschiedenis kennen.
De toegenomen belangstelling heeft mijns inziens ook te maken met de rol van Europa. Daardoor kwam het idee: 'we zijn toch eigenlijk Nederlanders maar waaruit blijkt dat? Mijn identiteit moet toch terug te vinden zijn in het verleden.' En dat kan, trefwoorden voor typisch Nederlanderschap als tolerantie en overleg zijn in de zeventiende eeuw terug te vinden. Er bestaat in 1600 en daarvoor bijvoorbeeld een uitgebreide discussiecultuur, men streeft naar een breed draagvlak, het is niet zoals in de absolute monarchie dat zaken van bovenaf opgelegd kunnen worden. Wij noemen dit nu het poldermodel. Johan Huizinga zegt in Nederland's beschaving in de zeventiende eeuw, dat het de waterschappen zijn die tot deze structuur geleid hebben."
Met wijsheid achteraf
"Historici proberen verbanden te leggen en het toeval uit te bannen, maar het accidentele blijft altijd een rol spelen. Denk aan een voorval als elf september of de val van de muur. Andrej Amalrik (Haalt de sovjetunie 1984?) had gezien dat de Sovjetunie kraakte, maar ik ken geen enkele historicus die de val voorzien heeft. Nadien kun je het verklaren maar aankomen zagen we het niet, je gaat altijd met wijsheid achteraf de geschiedenis in. Je weet waar je nu bent en dat vind je dan in het verleden terug. Historici laten zich vaak leiden door hun eigen fascinaties. Ik ben geneigd om te kijken naar mensen in het verleden die naar de kerk gingen. Jonathan Israël, de schrijver van The Dutch Republic, een standaardwerk over de geschiedenis van de Nederlandse Republiek van 1477 tot 1806, is gefascineerd door de vroege verlichting en ik neem aan dat hij de doorbraak van de verlichting beschouwt als een positieve ontwikkeling en wil aanwijzen hoe dat nou begonnen is.
Voor mij als christen is het einde van de geschiedenis de wederkomst van Christus. In de praktijk van het ambachtelijke werk doe ik daar niets mee. Wat ik doe is terug kijken, we zitten nu hier en hoe zijn we er eigenlijk gekomen? Vanuit de waarneembare feiten ga ik interpreteren wat er precies gebeurd is en ik stel de interpretaties voortdurend bij naarmate de wereld zich anders blijkt te ontwikkelen. De reconstructies veranderen. Het historisch ambacht is terugredeneren, het aannemelijk maken van zaken die gebeurd zijn. De last van veel geluk probeert onder andere de opstand tegen Spanje aannemelijk te maken."
Toeval?
"Historici zijn het vaak oneens maar breken zich daarover zelden het hoofd.
In The Dutch Republic zegt Israël dat al voor de Opstand Noord en Zuid Nederland politiek en economisch gezien hun eigen weg gingen. De Opstand heeft naar zijn idee vervolgens ook een culturele en religieuze kloof geslagen en beide gebieden groeiden uiteen. De historicus Pieter Geyl heeft ons geleerd dat de uitkomst van de opstand toeval is. Israël is graag degene die de andere kant belicht, en dat kan, zo plooibaar is geschiedenis. Er is veel toevalligs in de geschiedenis, ook in die van de Opstand. De meer ontwikkelde gebieden zoals Holland en Zeeland waren nauw vervlochten met Brabant en Vlaanderen. Het voorspel van de oorlog in de jaren zestig van de zestiende eeuw wanneer Willem van Oranje zich begint te profileren, speelt zich af in steden als Antwerpen en Brussel. En dat noemt men vaderlandse geschiedenis, en terecht, het is een gebied dat één toekomst lijkt te hebben. Kijk naar het stadje Hulst in Zeeuws Vlaanderen, dat is tot heden toe katholiek gebleven omdat de Spanjaarden er tot drie jaar voor de vrede van Munster de baas zijn gebleven. Zo kun je ook verklaren waarom in de zuidgrens tussen Nederland en België de mensen katholiek zijn en in het Noorden protestant. Het is niet zo dat het Noorden protestant was en het Zuiden katholiek, denk aan de beeldenstorm en de hagepreken, die begonnen in Vlaanderen."

Waar hebt u het over?
"Visie speelt in geschiedschrijving natuurlijk wel een rol, alleen zaken die ons nog niet beroerd hebben, staan misschien los van preconcepties. Van Spaanse zijde zou men misschien voor een deel dezelfde feiten aanhalen maar die totaal anders beklemtonen. Men zal veel meer dan in dit boek gebeurt de nadruk leggen op de zeldzame eerzucht van de prins van Oranje, die de eerste plaats wil voor zichzelf en zijn familie. Men zal ook anders tegenover ketterij staan. Het idee van vrijheid van geweten zal een Spaanse katholiek van de zestiende eeuw totaal niet aanspreken. Hij zal meer uitgaan van de roeping die de Spaanse koning heeft om het door de eeuwen heen overgeleverde geloof door te geven in het welbegrepen eigenbelang van zijn onderdanen. Die mensen gaan naar de hel als ze ketter blijven en daar moet hij wel wat aan doen. Dat is een ander perspectief en ook dit is recht van spreken. Als je naar de onderste lagen van de samenleving afdaalt en daarover wilt vertellen krijg je een ander beeld van geschiedenis dan zoals in De last van veel geluk waarin het vertelbare verhaal centraal staat. Wat merken mensen van de onderste lagen nu van de 'grote geschiedenis', veel zaken zullen ze niet waarnemen. Als je een man in Friesland in 1572 gevraagd zou hebben, hoe staat het met de opstand tegen Spanje, dan zou hij geantwoord hebben, waar hebt u het over.
De selectie van verhalen die gemaakt wordt, bepaalt hoe zo'n boek in elkaar steekt. Daar moeten concepten aan vooraf gaan.
Religie was een bepalende factor van de Opstand. Godsdiensttwisten waren er ook tijdens het twaalfjarig (1609-1621) bestand. Van Oldenbarnevelt zegt over de strijd tussen Arminius en Gomarus, tussen de remonstranten en de calvinisten, 'de moeiten komen allemaal van de Friezen en Vlamingen, wij Hollanders hebben dat felle niet zo in ons'. Er was vrijheid van geweten maar het was een bepaalde groep die vrijheid van geweten, van godsdienst, bepaalde en definieerde. Het lijkt op onze liberale opvatting van godsdienst: binnenshuis mag je zeggen wat je wilt als je er maar niet mee naar buiten komt. Zo ging men toen met katholieken om, ze mochten onze Lieve Heer op zolder aanbidden maar niet met rozenkransen de straat op gaan."
Geen middenweg
"In de zeventiende eeuw was de Republiek een staat die op zijn eigen grondgebied de religie wenste te handhaven waarvoor hij had gekozen, en dat was de gereformeerde religie. Het land kende geen scheiding tussen kerk en staat en de overheid was geneigd de kerk naar haar hand zetten. Andersom wilde de kerk de baas zijn over de staat waarop Oldenbarnevelt de kerk verwijt dat ze een nieuw pausdom wil. Men zag niet precies de middenweg. Misschien is die er ook wel niet. Zo is er de discussie over godsdienstonderwijs nu de VVD-ers en SP-ers en andere linkse partijen zeggen: godsdienstonderwijs mag slechts in neutrale zin worden gegeven, je mag niet indoctrineren. En dan denk ik, daar heb je de discussie van de zeventiende eeuw weer terug: godsdienst buitenshuis mag zich niet meer manifesteren.
Eind zeventienhonderd werden de opvattingen van de overheid door de kerk niet meer tegengesproken. Rationele en pragmatische argumenten kregen een zwaarder, en puur bijbelse argumenten kregen een lichter gewicht. Zo ziet Alexander Roëll, hoogleraar in de theologie in Franeker de menselijke rede als onfeilbaar. De Amsterdamse dominee Balthasar Bekker schreef De Betoverde Weereld in 1691. Dit boek bestrijdt bijgeloof en heksenwaan en beroept zich daarbij op de filosofie van Descartes. Zeker in landen waar de heksenjacht nog niet was afgelopen heeft Bekker met zijn strijd tegen de demonologie een rol gespeeld. Nationaal is hij degene die in zijn wijze van exegetiseren een wegbereider was van de achttiende eeuw, de eeuw van de rede. Bij Bekker begint de nieuwe tijd te wenken."
Tolerantie
"Tolerantie was in de zeventiende eeuw in de Nederlanden hoger ontwikkeld dan elders. In de eeuw daarvoor was Willem Van Oranje tolerant geweest in de zin van eerbied voor de overtuiging van een ander. Van Oldenbarnevelt was onverschilliger. Hij vond dat de gereformeerde kerk niet moest zeuren en ruimte moest bieden aan beide partijen, zowel aan Arminius' visie als aan Gomarus' visie over predestinatie, wie er gelijk had en zijn eigen voorkeur droeg deden er daarbij niet toe.
Tolerantie kan vanuit verschillende motieven verdedigd worden. Men kan zeggen, wat kan het mij schelen of je remonstrants bent of calvinist. Dat is geen tolerantie van hoog gehalte. Tolerantie wordt snel onverschilligheid of containment, iemand binnen de perken willen houden. Zo doen we het op dit moment met de Islam. Laten die mensen zich vooral rustig houden en laten we zo weinig mogelijk merken dat ze er zijn. Dat wreekt zich. Deze mensen zullen zich niet aanpassen maar in opstand komen tegen de cultuur die hun deze beperkingen oplegt. Ware tolerantie vind ik, dat je kunt zeggen, wat jij gelooft is niet mijn geloof, maar je hebt hetzelfde recht van spreken als ik."
* Hedda Maria Post is redacteur van BASIS
literatuur:
- A.Th. van Deursen, De last van veel Geluk De geschiedenis van Nederland 1555-1702, Bert Bakker, Amsterdam 2004
Dit boek is het eerst uitgekomen deel van de 9-delige reeks De Geschiedenis van Nederland.
- Jonathan I. Israel, The Dutch Republic Its Rise, Greatness, and Fall 1477-1806, Clarendon Press Oxford 1995
Location http://www.basis-online.nl/index.cfm/1,114,382,0,html
Copyright © Panteia B.V. 2012