Redactieadres:
Panteia B.V.
Postbus 7001
2701 AA Zoetermeer
T: 079 - 322 22 00
F: 079 - 343 01 01
Een nieuw instrument in de strijd tegen huiselijk geweld
Door drs. K. de Vaan en drs. ir. F.van Vree*
Binnenkort beschikken gemeenten, politie en hulpverlening over een nieuw instrument in de strijd tegen huiselijk geweld: het tijdelijk huisverbod. Met het huisverbod kunnen (potentiële) plegers van huiselijk geweld tijdelijk uit huis geplaatst worden om escalatie van geweld te voorkomen en een periode van rust te creëren. In deze fase kan hulpverlening aan alle bij het huiselijk geweld betrokken personen gestart worden. Pilots met het huisverbod, uitgevoerd in de gemeenten Venlo, Groningen e.o. en in stadsdeel Amsterdam-Noord, roepen wel nog vragen op, met name over de organisatie van de hulpverlening.
Het huisverbod is een bestuursrechtelijke maatregel waarvoor de burgemeester de verantwoordelijkheid draagt. Op 20 september jl. stemde de Tweede Kamer in met het wetsvoorstel. Concreet houdt het huisverbod het volgende in. Bij een melding van huiselijk geweld gaat de politie ter plaatse en schat in of er sprake is van een dreigende situatie. Is dat het geval, dan bepaalt een hulpofficier van justitie (hiertoe gemandateerd door de burgemeester) aan de hand van een risicotaxatie-instrument of een huisverbod kan worden opgelegd. Gebeurt dit, dan mag de uithuisgeplaatste gedurende tien dagen - eventueel te verlengen tot vier weken - de woning niet in en geen contact opnemen met het thuisfront. Overtreding van het verbod is een strafbaar feit. Is men het niet eens met het huisverbod dan kan dat aan de rechter worden voorgelegd. In de periode dat het huisverbod van kracht is, wordt een hulpverleningstraject opgestart voor zowel de uithuisgeplaatste als voor de achterblijver(s) (partner en/of kinderen). De gemeente is de regievoerder in het netwerk van alle verschillende belanghebbende organisaties, zoals politie, dader- en slachtofferhulpverlening, jeugdzorg en reclassering.
Het huisverbod vormt een aanvulling op de mogelijkheden die het strafrecht biedt. Strafrechtelijk kan in een aantal situaties een dader al de toegang tot zijn huis ontzegd worden. Het strafrecht kent echter niet de mogelijkheid om los van strafbare feiten, preventief, op te treden. Dit laatste nu is primair de functie van het huisverbod.
Hulpverlening centraal
De hulpverlening die na oplegging van een huisverbod op gang komt vormt de spil van het huisverbod. De hulpverlening bepaalt voor een groot deel het succes van de maatregel. Dat succes is weer van groot belang voor het vertrouwen van ketenpartners in de maatregel en vervolgens voor hun bereidheid te investeren in samenwerking en veranderingen in processen en werkwijze.
Hulpverlening bij het huisverbod vindt op twee manieren plaats. Direct na oplegging van het huisverbod wordt crisishulpverlening geboden, waarbij er contact van hulpverleners is met zowel de achterblijver(s) als de uithuisgeplaatste. De periode van het huisverbod wordt verder benut om voor alle betrokkenen een individueel hulpverleningstraject op te starten. In de pilots is geëxperimenteerd met verschillen in vorm en intensiteit van hulpverlening. In alle gevallen was de hulp die betrokkenen kregen intensiever dan in reguliere hulpverleningstrajecten rond huiselijk geweld en werden de verschillende hulpverleningstrajecten beter op elkaar afgestemd.
Effectievere hulpverlening?
Voor het vaststellen van een effect van deze intensievere en meer gecoördineerde vorm van hulpverlening was de duur van de pilots - ongeveer een half jaar - te kort. De ervaringen in de pilots leiden wel tot een aantal hypothesen over de effectiviteit van intensieve, gecoördineerde hulpverlening:
Grootschaliger en langer durend onderzoek is nodig om vast te stellen of deze veronderstellingen juist zijn. Vastgesteld is overigens wel dat deze nieuwe benadering veel enthousiasme losmaakt. Twee van de drie pilotgebieden streven er naar dezelfde aanpak toe te passen bij andere situaties waarin sprake is van complexe gezinsproblematiek.
Dilemma's bij implementatie
De ervaringen en het enthousiasme van de pilotgemeenten pleiten voor het op grotere schaal toepassen van intensieve hulpverlening bij huiselijk geweld. Wordt op basis van de ervaringen inderdaad gekozen voor intensieve hulp, dan worden gemeenten bij de implementatie met de volgende vragen geconfronteerd:
Gemeenten bereiden zich de komende maanden voor op de implementatie van de wet. De ervaringen in de pilots bieden aanknopingspunten voor de keuzes die gemeenten moeten maken. Het daadwerkelijk effect van het tijdelijk huisverbod en de gevolgen van de gemaakte keuzes voor de aanpak van huiselijk geweld worden pas op lange termijn zichtbaar.
Rapport:
Broek, S., K. de Vaan, F. van Vree: Evaluatie pilots huisverbod
(verschijnt binnenkort) Research voor Beleid
* Katrien de Vaan is onderzoeker, Felicie van Vree is projectleider bij Research voor Beleid
Location http://www.basis-online.nl/index.cfm/1,115,399,0,html
Copyright © Panteia B.V. 2012