Skip navigation

Redactieadres:

Panteia B.V.

Postbus 7001

2701 AA Zoetermeer

T: 079 - 322 22 00

F: 079 - 343 01 01

E: redactie@panteia.nl

Pijler van de Europese samenwerking

Europees Cohesiebeleid geëvalueerd

Door dr. L. Trofin*

De Europese Commissie voert al jaren beleid om sociale en economische ongelijkheden tussen Europese regio’s te verminderen: het zogenaamde Europees Cohesiebeleid. Het beleid levert een bijdrage aan de totstandkoming van regionale groei en werkgelegenheid. Het belang dat men hecht aan dit beleid, laat zich aflezen aan de budgetten die ervoor zijn gereserveerd.

Cohesiebeleid werd aanvankelijk gezien als een vorm van investeren in de armere EU-landen om economische integratie te bevorderen. Maar de laatste jaren is het belang van dit beleid zo toegenomen dat het een van de belangrijkste pijlers van het EU-beleid is geworden. Ongeveer één derde van het totale budget van de Europese Unie gaat nu naar het Cohesiebeleid.

NeaHet spreekt voor zich dat zulk omvangrijk beleid efficiënt en effectief moet worden gevoerd. Daarvoor is zowel vooraf als achteraf goede evaluatie noodzakelijk. De Panteiagroep met haar werkmaatschappijen is actief betrokken bij de evaluaties en ook bij de implementatie van het beleid. Het blijkt dat de samenwerking tussen enkele van deze werkmaatschappijen hierbij van toegevoegde waarde is, bijvoorbeeld bij de evaluatie van financiële maatregelen van de Europese Commissie. Het gaat daarbij om evaluatieprojecten die effect kunnen hebben op zowel Europees als op nationaal niveau. Het gaat ook om de ondersteuning van diverse overheidsinstellingen (Europees, nationaal, regionaal en locaal) om de Europese middelen te ontvangen en te besteden. Private instellingen worden ondersteund op het gebied van kennis over de programma’s en mogelijkheden voor financiering. Het cohesiebeleid is behalve omvangrijker ook complexer geworden door de vele programma’s en projecten die multisectoraal zijn, veelsoortige thema’s hebben en waarbij veel overheidsinstanties betrokken zijn. Voor hoogwaardige dienstverlening op dit terrein is multidisciplinaire kennis nodig. Dit is één van de belangrijkste kerncompetenties van Panteia waardoor voldaan kan worden aan de vereisten die voortvloeien uit de complexiteit van de projecten.

Cohesiebeleid van de Europese Unie

Het belangrijkste doel van het Cohesiebeleid is economische en sociale ongelijkheden te verminderen tussen en binnen de lidstaten om zo bij te dragen aan de economische concurrentiekracht van Europese regio’s. Daarnaast richt dit beleid zich ook op de bevordering van solidariteit tussen Europese landen omdat dit essentieel wordt geacht in een globaliserende wereldeconomie.

Na de laatste uitbreidingsrondes van de EU in 2004 en in 2007, waarbij in totaal twaalf landen in Midden- en Oost-Europa, Cyprus en Malta bij de Unie zijn gekomen, was er behoefte aan herzieningen van het Cohesiebeleid. Het beleid moest zich erop richten dat er adequaat werd ingespeeld op twee van de belangrijkste uitdagingen die het financiële programma van 2007 - 2013 stelt. De eerste uitdaging is dat voldaan moet worden aan de doelstelling van de Lissabon Strategie om van de Europese Unie de sterkste economie van de wereld te maken, wat in 2010 gelukt zou moeten zijn. Dat impliceert groei en arbeidsplaatsen. Gezien de huidige economische recessie en veranderend beleid van de lidstaten is dit zeker niet eenvoudig.

De tweede uitdaging is dat de doelstelling niet alleen behaald moet worden met de vijftien relatief welvarende landen, maar door een EU met, naast deze landen, twaalf nieuwe lidstaten, die zich in een ingewikkeld proces van doorvoeren van economische en sociale hervormingen bevinden.

 

Convergentie, Concurrentiepositie en Europese Territoriale Samenwerking

De drie doelthema’s van het Cohesiebeleid 2007.-.2013 zijn: Convergentie, Concurrentiepositie, en Europese Territoriale Samenwerking. Convergentie richt zich met name op steun aan de Europese regio’s met een ontwikkelingsachterstand. Convergentie bestrijkt 80% van het Cohesiebudget. Het tweede thema richt zich op de economische concurrentiepositie van regio’s. Ongeveer 15% van het budget wordt gereserveerd voor investeringen die de concurrentiepositie van regio’s versterken. Het resterende budget gaat naar het voormalig EU Initiatief INTERREG, een programma dat de grensoverschrijdende, transnationale en interregionale samenwerking wilde bevorderen en dat is het derde doel van het Cohesiebeleid. Het Europees beleid op deze drie speerpunten is concreet vormgegeven voor het nationale en regionale niveau door het programma Structurele Instrumenten. De financiering van het regionaal beleid loopt via drie fondsen: het Europese Regionale Ontwikkelingsfonds (ERDF), het Europese Sociale fonds (ESF) en het Cohesiefonds. Nationale en regionale overheden kunnen aanspraak maken op gelden uit deze fondsen.

Ex ante Evaluatie Roemenië

Op 1 januari 2007 werd na 5 jaar onderhandelen met de Europese Commissie Roemenië lid van de EU en daarom werd Roemenië opgenomen in het Europese Cohesiebeleid. Roemenië kon toen aanspraak maken op financiering door fondsen van het Cohesiebeleid. Binnen het kader van de programmaperiode 2007 - 2013 werd ongeveer 20 miljard euro aan Roemenië toegewezen.

De Structurele Instrumenten worden op nationaal niveau concreet uitgevoerd door Operationele Programma’s (OP). Operationele Programma’s zijn documenten waarvoor goedkeuring van de Commissie is vereist. Ze zijn voor diverse beleidsvelden geschreven door Roemeense Ministeries, gecoördineerd door het Ministerie van Financiën en Economie. Er is een OP voor Transport, Milieu, Human Resources, Economische concurrentiepositie, Regionale ontwikkeling, Administratieve capaciteit en Technische ondersteuning. Europese wetgeving verordent dat deze programma’s geëvalueerd moeten worden, voordat ze daadwerkelijk worden ingevoerd. Deze ex ante evaluatie heeft als doel de allocatie van budgetten verder te optimaliseren en de kwaliteit van het programma te verbeteren.

nea2De ex ante evaluatie van alle zeven Roemeense operationele programma’s werd uitgevoerd in een project dat gecoördineerd werd door Panteia met partners uit Duitsland en Hongarije en enkele Roemeense betrokkenen. Het project begon in augustus 2006 en duurde 14 maanden. In de eerste fase concentreerden de experts zich op de evaluatie van de programma’s. Om aan de Roemeense eisen te voldoen, rekening houdend met de deadlines zoals gesteld door de Europese Commissie, was flexibiliteit en snel handelen vereist. Dat er bovendien ingespeeld moest worden op de wensen en eisen van diverse betrokken partijen, publiek, privaat, nationaal, regionaal en lokaal, maakte de zaak complex.

De taken voor de experts overstegen daardoor de ex ante evaluatie op zich. De Roemeense autoriteiten hadden geprobeerd tot operationele programma’s te komen die voldeden aan alle vereisten vanuit de Europese Commissie. Ze werden dan ook gesteund door conclusies en aanbevelingen gemaakt in het kader van de ex ante evaluatie. Tegelijkertijd werd door de experts aanvullend onderzoek verricht om te analyseren of de strategie zoals neergelegd in de OP’s daadwerkelijk werd uitgevoerd. Verder gaven ze trainingen in Roemenië over thema’s waarover weinig kennis bestond of waarmee men beperkte ervaring had, zoals kosten-batenanalyse. Door deze activiteiten droegen de experts bij aan de succesvolle afronding van de programma’s en verbeterden ze de samenwerking tussen ministeries. Er kwam een dialoog tot stand tussen stakeholders en burgers waardoor de betrokkenheid in het proces werd vergroot. In vier van de zeven programma’s werd het publiek geconsulteerd in het kader van een milieueffectrapportage.

Ex post Evaluatie INTERREG

Het ex ante evaluatieproject is afgesloten en ondertussen is het ex post project INTERREG III in volle gang. INTERREG is het oudste, maar belangrijkste Europese Initiatief. INTERREG III 200 - 2006 beoogt de economische en sociale samenhang in de Europese Unie te verstevigen en regionale kansen te creëren door samenwerking tussen regio’s van verschillende lidstaten. De filosofie van INTERREG zegt dat grenzen geen belemmeringen op mogen werpen voor economische ontwikkeling en integratie van Europese landen. INTERREG III had een budget van ongeveer € 5,5 miljard, en bestond uit 81 uitvoeringsprogramma’s die betrekking hadden op meer dan 33 landen, de 27 Eurolanden en grensgebieden. Het programma is vormgegeven aan de hand van drie thema’s die gericht zijn op stimulering van de samenwerking tussen landen en/of regio’s. Ten eerste was er de grensoverschrijdende samenwerking waarbij naast elkaar liggende regio’s worden gestimuleerd om zowel op sociaal als economisch vlak verder te integreren. Het tweede thema was de samenwerking tussen autoriteiten op nationaal, regionaal en lokaal niveau. Dit heeft als doel de integratie tussen diverse overheden in en met de EU te versterken. Het derde aandachtsveld is interregionale samenwerking en richt zich op een effectiever regionaal beleid door facilitatie van kennisuitwisseling tussen regio’s en het creëren van netwerken.

De Commissie (DG Regio) heeft Panteia gevraagd de ex post evaluatie uit te voeren voor het volledige INTERREG 2000 - 2006 programma initiatief.

Het doel van de ex post evaluatie is breed. De evaluatie moet de invloed van het INTERREG project op de samenwerking tussen landen en regio’s bepalen. Die samenwerking zou moeten leiden tot een meer harmonieuze en duurzame ontwikkeling van de hele Europese Unie. Daarnaast wordt de gehele evaluatie uitgevoerd op “beleidsniveau” om vast te stellen of het 2000 - 2006 initiatief geslaagd is in de opzet via samenwerking de ontwikkeling van de Europese Unie een impuls te geven. De evaluatie moet verder bepalen wat de toekomst voor dit samenwerkingsbeleid tot aan 2020 is.

De evaluatie wordt uitgevoerd door een kerngroep die bestaat uit verschillende Europese experts op het terrein van grensoverschrijdende en interregionale samenwerking. De eerste resultaten zullen in april 2009 beschikbaar zijn. De afronding van de evaluatie wordt verwacht in december 2009.

Tot slot

Europees Cohesiebeleid is een uiterst belangrijk beleidsthema voor de EU. Om dat beleid goed uit te kunnen voeren is er op Europees, nationaal en regionaal niveau behoefte aan ondersteuning en relevante informatie. Op Europees niveau is er evaluatie en institutionele ondersteuning nodig, terwijl op nationaal en regionaal niveau meer kennis gewenst is van de concrete uitvoering van de Structurele Instrumenten. De gedifferentieerdheid en diversiteit van de onderwerpen vereisen multidisciplinaire kennis.

Het Cohesiebeleid biedt interessante mogelijkheden aan onderzoekbureaus als Panteia met multidisciplinaire kennis in huis om verdere groei te realiseren in deze boeiende Europese markt.

* Dr. Laura Trofin is werkzaam als adviseur Europees Cohesiebeleid voor NEA Transportonderzoek en opleiding.

Links referenced
NEA Transportonderzoek en opleiding
http://www.nea.nl

Location http://www.basis-online.nl/index.cfm/1,125,464,0,html