Skip navigation

Redactieadres:

Panteia B.V.

Postbus 7001

2701 AA Zoetermeer

T: 079 - 322 22 00

F: 079 - 343 01 01

E: redactie@panteia.nl

Doe mee met de bezuinigingswijzer

Miljarden gezocht 

Rond de verkiezingen werd er flink met miljarden aan bezuiniging gegooid. Onder deskundigen heerste verschil van mening over hoeveel miljard nu echt moest worden bezuinigd. En ook was er de vraag: op welke posten wel en vooral op welke posten niet. De vaak genoemde 35 miljard is een bedrag waarbij de meeste mensen zich nauwelijks iets kunnen voorstellen.

Door dr. J. van der Bij en R.J.M Vogels* 

Burgers konden in de aanloop naar de verkiezingen met de bezuinigingswijzer op internet aangeven op welke collectieve uitgaven zij wilden bezuinigen. Het Instituut voor Onderzoek van Overheidsuitgaven (IOO) heeft dit instrument samen met Stratus ontwikkeld voor RTL. RTL heeft rond de bezuinigingswijzer een aantal tv-programma’s uitgezonden, waarin alle lijsttrekkers hun visie konden geven op de komende bezuinigingen. RTL heeft via de RTL-Z journaals, het RTL4 Nieuws en via hun website burgers opgeroepen de bezuinigingswijzer op de website in te vullen.

Deelnemers aan de bezuinigingswijzer konden op verschillende niveaus de bezuinigingen doorvoeren. Een bepaald percentage van het begrotingstotaal van een ministerie kon bezuinigd worden. Bijvoorbeeld tien procent op de begroting van VROM of vijf procent op de begroting van het ministerie van Defensie. Vervolgens kreeg de invuller te zien hoeveel hij bezuinigd had in miljarden euro’s. In veel gevallen viel dat tegen. Daarom is er een tweede slag ingebouwd, waarbij de deelnemer het voorstel kon verfijnen. Per departement kon nu gedetailleerd per uitgavenprogramma worden aangegeven hoeveel er bezuinigd kon worden. Op die manier was het mogelijk 112 uitgavenprogramma’s aan te passen. Voor het ministerie van OCW kon bijvoorbeeld specifiek worden bezuinigd op het basisonderwijs, de studiefinanciering of cultuur & media. Bij het invullen werden de mogelijke effecten van de bezuinigingen getoond. Indien er bijvoorbeeld gekort werd op de kinderbijslag en het kindgebonden budget, werd ook vermeld wat dit zou betekenen voor het inkomen van een gemiddeld gezin. Daarbij werd ook het totale effect van de bezuinigingen op de omvang van het begrotingstekort en de staatsschulden tot 2020 als resultaat zichtbaar gemaakt. Verder was het mogelijk om belastingen te verhogen of te bezuinigen op fiscale faciliteiten, zoals de hypotheekrenteaftrek of de algemene heffingskorting. Alle collectieve uitgaven en inkomsten werden bestreken.

De bezuinigingswijzer zorgde voor spannende momenten bij Stratus. Het aantal gebruikers kende flinke pieken. Zeker toen er in het avondjournaal van RTL4 naar de website werd verwezen. Na die oproep waren er in één uur vijfduizend bezoekers die de bezuinigingswijzer invulden.

Via nieuwe media als Twitter en verschillende blogs is er flink over de bezuinigingswijzer 'gepraat'. Zo zijn er bijvoorbeeld schermafdrukken van het eigen voorstel door de gebruikers op internet gezet. Het woord bezuinigingswijzer zorgt op dit moment in Google voor 13.500 referenties. Vlak na de start was het aantal verwijzingen in Google minder dan 100.

Meer dan vijftigduizend mensen hebben in de twee maanden voorafgaand aan de verkiezingen hun bezuinigingsvoorstel via de website uitgewerkt. Figuur 1 geeft een overzicht van de gemiddelde bezuinigingen en lastenverzwaring per achterban van een politieke partij. In figuur 1 is te zien dat de kiezers op de SGP, VVD, PVV en het CDA gemiddeld meer bezuinigen dan het electoraat van de PvdA, Christenunie, Groenlinks en SP. De aanhang van D66 en Partij voor de Dieren bevinden zich rond het gemiddelde van € 28,8 miljard. De ombuigingen variëren van € 27,4 miljard (PvdA) tot € 33,6 miljard (SGP). Hierbij moet bedacht worden dat de bezuinigingen zich uitstrekken tot 2020.

Figuur 1: Gemiddelde uitkomsten per partij


Figuur 1

Bezuinigingen en de woningmarkt
Het is mogelijk in te zoomen op bepaalde beleidsterreinen. Een belangrijk onderwerp in de aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen was de woningmarkt, en dan vooral de discussie over de hypotheekrenteaftrek. Sommige politici en economen stellen dat de hypotheekrenteaftrek vooral ten goede komt aan degenen die toch al veel verdienen, omdat de hoogte hiervan gekoppeld is aan de hypotheekschuld. Hoe duurder het huis, hoe hoger de schuld en hoe omvangrijker het fiscale voordeel. Een ander thema op de woningmarkt is de huurtoeslag (de oude huursubsidie). De huurtoeslag zorgt ervoor dat mensen met een beneden modaal inkomen hun huurwoning kunnen bekostigen. Maar de huurtoeslag zorgt er ook voor dat mensen lang in een huurwoning blijven wonen, voordat ze doorstromen naar een betaalbare koopwoning: het zogenaamde scheefwonen.

De VVD en het CDA zijn tegen het morrelen aan de hypotheekrenteaftrek, terwijl bijvoorbeeld de SP inzet op afschaffing van de hypotheekrenteaftrek en daarnaast op een verruiming van de huurtoeslag. D66 en GroenLinks presenteren zich als hervormingspartijen en willen zowel de hypotheekrenteaftrek als het scheefwonen aanpakken.

Figuur 2 geeft een overzicht van de gemiddelde bezuinigingen op de hypotheekrenteaftrek en de huurtoeslag, die de kiezers volgens de bezuinigingswijzer willen doorvoeren.

Figuur 2 - Bezuinigingen op de hypotheekrenteaftrek en de huurtoeslag

Figuur 2

Kiezers van GroenLinks, SP, D66, en PvdA willen meer dan 1,4 miljard bezuinigen op de hypotheekrenteaftrek voor huizenbezitters, terwijl de kiezers op PVV, CDA en de VVD rond de 850 miljoen schommelen. De rechtse kiezers zijn blijkbaar van mening dat er wel iets kan/moet gebeuren rond de hypotheekrenteaftrek. De achterban van de CU zit er met 1,25 miljard tussenin. Bij de huurtoeslag is het precies andersom. Hier bezuinigen de kiezers op de linkse partijen (inclusief D66 en CU) flink minder dan PVV, CDA en VVD.

De bezuinigingswijzer bevatte ook enkele achtergrondvragen, zodat ook andere uitsplitsingen gemaakt konden worden dan alleen naar politieke partij. In figuur 3 zijn de bezuinigingen opgesplitst naar mensen met een hypotheek, huurders en mensen met een eigen woning maar zonder hypotheek (d.w.z. vooral mensen die hun hypotheek al hebben afgelost).

Figuur 3 onderstreept de rol van het eigenbelang. Mensen met een hypotheek bezuinigen ongeveer een half miljard minder op de hypotheekrenteaftrek dan mensen met een huurwoning, terwijl het tegenovergestelde voor de huurtoeslag geldt. Mensen met een eigen woning zonder hypotheek bezuinigen op beide aspecten flink. Zij hebben immers niets te verliezen. En misschien opvallender: zelfs mensen met een hypotheek bezuinigen bijna negenhonderd miljoen. Zo'n taboe is dit onderwerp blijkbaar ook weer niet.

Figuur 3 - Bezuiniging op de woningmarkt, uitgesplitst naar woonsituatie

Figuur 3

Bezuinigingen en decentrale overheden
Aan de hand van de uitkomsten van de bezuinigingswijzer kan inzichtelijk worden gemaakt hoeveel burgers willen bezuinigen op een bepaalde bestuurslaag. Sommige uitgavenprogramma's worden immers uitgevoerd door specifieke overheidslagen, zoals gemeenten en provincies.

Voor de gemeenten en provincies is gekeken naar enkele posten die van bijzonder belang zijn voor decentrale overheden, zoals het gemeente- en provinciefonds, de Wmo en de jeugdzorg. In tabel 1 is allereerst weergegeven hoeveel de invullers van de bezuinigingswijzer in miljarden euro's willen bezuinigen op deze posten.

In miljarden euro's moeten vooral het provincie- en het gemeentefonds het ontgelden. In deze eerste tabel zijn de absolute bedragen weergegeven, maar het bedrag dat gemoeid is met het provincie- en gemeentefonds bedraagt een veelvoud van het beschikbare budget voor de Vogelaarwijken. Het is ook leerzaam om te kijken naar de relatieve omvang van de bezuinigingen, uitgedrukt als een percentage van de betreffende begrotingsposten. Dit gebeurt in de onderstaande tabel.

Uit de tweede tabel blijkt dat relatief gezien de bijdrage voor de Vogelaarwijken het sterkst te lijden heeft onder de bezuinigingen. Ook het Provincie- en gemeentenfonds hebben zwaar te lijden, net als de uitgaven voor de jeugdzorg.

Tabel 1

OnderwerpGemiddeldCDACUD66GLPVDAPVVSPVVD
Provincie- en gemeentefonds€ 2.65€ 2.63€ 2.54€ 2.47€ 2.50€ 2.55€ 3.11€ 2.64€ 2.63
Politie, brandweer en ambulances€ 0.54€ 0.53€ 0.53€ 0.47€ 0.49€ 0.54€ 0.60€ 0.57€ 0.48
Bijstand€ 0.46€ 0.52€ 0.35€ 0.43€ 0.23€ 0.25€ 0.52€ 0.16€ 0.68
Jeugdzorg€ 0.20€ 0.16€ 0.12€ 0.20€ 0.13€ 0.14€ 0.22€ 0.15€ 0.24
Wmo€ 0.11€ 0.13€ 0.14€ 0.10€ 0.07€ 0.08€ 0.12€ 0.07€ 0.13
Vogelaarwijken€ 0.07€ 0.08€ 0.05€ 0.06€ 0.05€ 0.05€ 0.10€ 0.05€ 0.09
Regionale & lokale infrastructuur€ 0.02€ 0.02€ 0.02€ 0.02€ 0.03€ 0.02€ 0.02€ 0.03€ 0.02

 

Tabel 2

OnderwerpGemiddeldCDACUD66GLPVDAPVVSPVVD
Vogelaarwijken16.8%17.9%12.0%14.6%10.3%10.8%21.5%11.4%20.7%
Provincie- en gemeentefonds13.7%13.6%13.2%12.8%13.0%13.2%16.1%13.7%13.6%
Jeugdzorg11.0%9.1%6.4%11.0%7.5%7.9%12.5%8.2%13.1%
Politie, brandweer en ambulances10.5%10.2%10.3%9.1%9.4%10.4%11.6%11.0%9.4%
Bijstand9.5%10.9%7.3%9.0%4.9%5.3%10.8%3.4%14.1%
Wet Maatschappelijke Ondersteuning6.8%8.1%8.7%6.1%4.3%5.1%7.4%4.5%8.2%

Meerwaarde van het instrument
IOO en Stratus hebben bij de ontwikkeling van de bezuinigingswijzer ervaren dat dit instrument duidelijke voordelen heeft:

1. Het is een interactief instrument, dat burgers betrekt bij de omvangrijke bezuinigingsopdracht waarvoor Nederland zich gesteld ziet.

2. Het is voor burgers leuk om zelf aan de knoppen te kunnen draaien van een attractief vorm gegeven 'spel'. Mensen die niet geneigd zijn een vragenlijst in te vullen, vinden het wél leuk zelf beleidskeuzes te kunnen maken. Een dergelijk instrument kan ook een adequaat antwoord zijn op de groeiende non-respons waar onderzoekers tegenaan lopen.

3. De invullers worden op uiteenlopende manieren geconfronteerd met de gevolgen van de door hen gemaakte keuzes. Bezuinigingen op bijvoorbeeld het Koninklijk Huis zijn weliswaar zeer populair, maar de invuller krijgt gelijk te zien dat het nauwelijks iets oplevert. De invullers krijgen bovendien terugkoppeling over het effect van hun bezuinigingen op de omvang van het begrotingstekort en de staatsschuld. Voorts geeft de bezuinigingswijzer ook direct inzicht in de inkomens- en beleidseffecten van bezuinigingen. Hierdoor wordt bezuinigen niet 'een spel zonder nieten', maar wordt inzichtelijk gemaakt dat bezuinigingen pijn doen. Bovendien 'leren' de invullers tijdens het doorlopen van de verschillende stappen, omdat zij telkens geconfronteerd worden met de consequenties van de gemaakte keuzes. Bij het doorlopen van de daaropvolgende stap nemen zij deze leerervaring mee. Door het iteratieve karakter van de bezuinigingswijzer leidt dit tot meer valide onderzoeksuitkomsten.

4. Een ander gebleken voordeel van dit instrument is dat burgers op tal van internetfora met elkaar in discussie gingen over de door hen bedachte bezuinigingsvoorstellen. Hierdoor ontstond een geanimeerde discussie, waarbij de deelnemers elkaar probeerden te overtuigen aan de hand van informatie die ontleend was aan de bezuinigingswijzer. Dit komt de kwaliteit van de publieke discussie ten goede.

5. Het kan bestuurders inzicht geven in het draagvlak voor uiteenlopende bezuinigingsvoorstellen. Vanzelfsprekend kunnen deze voorkeuren per regio of per gemeente verschillen. Een instrument als de bezuinigingswijzer is echter ook geschikt om op provinciaal of lokaal niveau inzicht te geven in de preferenties. Het vertalen van een provinciale of gemeentelijke begroting naar een bezuinigingswijzer zou een zinvolle vervolgstap kunnen zijn bij de verdere ontwikkeling van dit instrument.

Natuurlijk zijn er ook nadelen aan te voeren. Het instrument staat voor een ieder open, dus kan niet op voorhand gegarandeerd worden dat een representatief deel van de bevolking de wijzer zal invullen. Hoger opgeleiden en bij de publieke zaak betrokken burgers zijn daardoor al snel oververtegenwoordigd. De uitkomsten kunnen voor dit effect deels worden gecorrigeerd. Dit bezwaar kleeft overigens aan iedere denkbare vorm van burgerparticipatie.

Naar onze mening overtreffen de voordelen van de bezuinigingswijzer de nadelen. Een instrument als de bezuinigingswijzer kan dus zeker worden ingezet om de stem van burgers duidelijker te laten doorklinken in het beleidsproces, en om tot meer valide onderzoeksresultaten te komen.

Bronnen:
Red de schatkist met de Bezuinigingswijzer - RTL Z http://www.rtl.nl/financien/rtlz/bezuinigingswijzer/index.xml
J. van der Bij, M.J. van Rijn en T. Weijnen, Draagvlak voor een nieuwe coalitie, ESB 95(4588) 25 juni 2010

*Jan van der Bij is directeur van IOO en René Vogels is Accountmanager B bij Stratus

Location http://www.basis-online.nl/index.cfm/1,131,512,0,html