Skip navigation

Redactieadres:

Panteia B.V.

Postbus 7001

2701 AA Zoetermeer

T: 079 - 322 22 00

F: 079 - 343 01 01

E: redactie@panteia.nl

Column: Decentralisatielessen

Door: Peter van Hoesel

Decentralisatie van rijkstaken naar gemeenten is al decennia lang bezig. Ik heb dit verschijnsel min of meer aan den lijve mogen ondervinden in de periode 1994-2006 toen ik gemeenteraadslid was. Je ziet in hoofdzaak steeds weer het volgende gebeuren: er wordt door het rijk onvoldoende geld meegegeven om de taken onverkort te kunnen blijven uitvoeren, het rijk houdt een stukje (eind-)verantwoordelijkheid achter, omdat men het niet helemaal toevertrouwt aan gemeenten, en provincies worden steevast overgeslagen terwijl sommige taken beter door de provincie kunnen worden uitgevoerd.

Wat het eerste punt betreft (minder geld) wordt meestal het argument gehanteerd dat gemeenten het efficiënter moeten kunnen. Dat kan wel kloppen, maar als tegelijkertijd een kwaliteitsverbetering wordt gevraagd aan gemeenten, wordt het lastig om de boel rond te krijgen zonder lastenverhoging voor de burger. Waar gemeenten volgens mij nog veel mee kunnen winnen is het betrekken van burgers/stakeholders bij de inrichting van het beleid.

Bestuurders en ambtenaren zijn daar nog wel eens benauwd voor, maar de ervaring leert dat zo'n aanpak heilzaam kan zijn: onnodige regels/procedures/voorzieningen zijn dan sneller te identificeren en als je die opruimt scheelt dat veel geld; de voor burgers merkbare positieve en negatieve effecten van beleid kunnen veel scherper in beeld komen en daarmee kunnen zowel de gemeente als burgers hun voordeel doen; burgers kunnen ook nuttige tips geven om de werkwijze van publieke dienstverleners te verbeteren. Het verbeteren van de kosten-batenverhouding van beleid kost overigens wel extra inspanningen. Het rijk zou die inspanningen kunnen stimuleren met tijdelijke subsidiemaatregelen, zodat gemeenten daarvoor niet hun veelal beperkte reserves behoeven aan te tasten.

Wat het tweede punt betreft (rijk houdt verantwoordelijkheid), wordt het argument gehanteerd dat rechten en plichten van burgers in verschillende gemeenten niet te ver uiteen mogen lopen. Dat kan zijn, maar als dat werkelijk zo belangrijk is, ligt decentralisatie juist niet voor de hand. Bedenk daarbij dat medebewind duurder uitpakt dan volledige verantwoordelijkheid bij ofwel het rijk ofwel de gemeente. Gemeenten slechts zien als uitvoeringskantoor voor het rijk, doet bovendien tekort aan de democratische status van gemeenten. Als je als rijk decentraliseert, geef gemeenten dan ook de volledige verantwoordelijkheid en leg je erbij neer dat gemeenten er verschillend mee omgaan. Of houd de boel centraal.

Het derde punt (de rol van de provincie) wordt, voor zover ik weet, niet echt serieus bekeken. Voor sommige taken ligt overheveling naar de provincie volgens mij meer voor de hand dan overheveling naar gemeenten. Zodra kleinere gemeenten intergemeentelijke samenwerkingsverbanden nodig hebben om taken uit te kunnen voeren, denk bijvoorbeeld aan de WWB of de GGD, kan dat worden gezien als een aanwijzing dat de provincie een meer geschikte schaalgrootte heeft om zulke taken uit te voeren.

Aannemende dat provincies niet zullen verdwijnen en constaterende dat provincies er best wat bij kunnen hebben, zou het rijk er goed aan doen te overwegen om sommige taken naar provincies over te hevelen in plaats van naar gemeenten, dan wel sommige taken weg te halen bij gemeenten en neer te leggen bij provincies. Dat zou tevens de druk verkleinen op kleinere gemeenten om steeds maar te moeten fuseren om het ingewikkelder wordende takenpakket aan te kunnen.

 

Peter van Hoesel is hoogleraar bestuurskunde aan de Erasmus Universiteit en bestuursvoorzitter van Panteia.

Location http://www.basis-online.nl/index.cfm/1,135,540,-1,html